AK33 - Hand en voet

strofe 1

Dit is m’n hand en dat is m’n voet,
‘k heb ze allebei nodig.
Waar moet ik heen als één het niet doet?
Niets is er overbodig.

‘k Heb m’n voeten nodig om te lopen,
en m’n handen om
m’n schoenen vast te knopen …

refrein 1

Hand, voet, knie, oog, oor, neus, keel,
alles is nodig, niets teveel.
Alles is nodig, niets teveel.

strofe 2

M’n hand kan niet zeggen tegen m’n voet:
ik heb jou niet nodig.
Stel je es voor, dan ging het niet goed,
niets is er overbodig.

Want al kan ik met m’n handen ballen,
zonder m’n voeten
zou ik op m’n snufferd vallen …

refrein 2

Hand, voet, knie, oog, oor, neus, haar,
alles is nodig voor elkaar.
Alles is nodig voor elkaar.

strofe 3

Ik ben de hand, en jij de voet,
we zijn allebei nodig.
Wat ik niet kan, kan jij juist goed,
niemand is overbodig.

Jij bent gemaakt om mee te spelen,
te lachen en te huilen
en alles mee te delen …

refrein 3

Niemand is minder, niemand is meer,
ieder is nodig bij de Heer.
Ieder is nodig bij de Heer.